Een blog over de impact van het Internet op onze maatschappij en publieke sector.

Naar een toegankelijk internet met de Webrichtlijnen

25 July 2008, 08:07 by Bart


Afbeelding WebrichtlijnenVolgens de Europese Commissie moet het internet toegankelijker worden voor gehandicapten en ouderen. Eurocommissaris Viviane Reding stelt dat 15 procent van de Europeanen te maken heeft met een handicap zoals problemen met het lezen van kleine letters op een website of het toegang krijgen tot een website. De Europese Commissie gaat inventariseren hoe het internet  beter toegankelijk kan worden gemaakt. Onderdeel van de inventarisatie is een publieke consultatie.

Dit vormde aanleiding voor het radioprogramma “Radio Online” om aandacht te besteden aan toegankelijkheid van internet voor blinden. In de studio was schrijver en cabaretier Vincent Bijlo. Hij is blind en gebruikt dagelijks internet. Hij vertelt over zijn niet al te positieve ervaringen. In het interview geeft hij aan dat bijvoorbeeld de websites van de Publieke Omroep niet goed toegankelijk zijn (vanaf 8m:45s). Daarnaast stelt hij dat er in Europa en Nederland geen standaarden zijn (vanaf 6m:15s). Dat klopt niet helemaal. Er bestaan wel degelijk standaarden, zeker in Nederland. Alleen worden deze lang niet altijd toegepast.

De Nederlandse overheid heeft de Webrichtlijnen ontwikkeld. Deze stellen eisen aan de toegankelijkheid van websites. Momenteel zijn de Webrichtlijnen verplicht voor nieuwe websites van de Rijksoverheid. Op de website van de Webrichtlijnen staat een toetstool waarmee een website automatisch getoetst kan worden tegen 125 richtlijnen. Een snelle check laat zien dat onze eigen website van het Ministerie van de Menigte het redelijk goed doet. Weliswaar niet zo goed als de website van het ministerie van VROM, maar wel beter dan Omroep.nl en 3FM.nl. Hieronder volgen de scores (maximum score is 125):

- Ministerie van VROM: 119
- MinMen-website:  110
- FM.nl: 105
- Omroep.nl: 103

Conclusie: Laat de Nederlandse overheid de Webrichtlijnen snel verplicht stellen voor de Publieke Omroep en andere (semi-)publieke sectoren. En laat de Europese Commissie niet te lang inventariseren en consulteren, maar de Nederlandse Webrichtlijnen overnemen op Europees niveau.


Categoriën: Eu, Europa, Overheid, Webrichtlijnen, europese unie, toegankelijkheid | 4 reacties »

4 reacties

  1. Piet Hein zegt:

    De vraag is natuurlijk hoe we die laatste 15 punten ook gaan pakken…

  2. Bart zegt:

    Zie hier een overzicht van de goede punten en de tekortkomingen:

    http://www.webrichtlijnen.nl/toetsen/report/21593/28982/

  3. Raph de Rooij zegt:

    @Bart: Standaarden zijn er inderdaad wel degelijk, daar ligt het probleem niet. Sterker nog: de norm voor webtoegankelijkheid, de Web Content Accessibility Guidelines van het World Wide Web Consortium (W3C), bestaat al sinds 1999. Maar dat heeft er niet toe geleid dat alle websites tegenwoordig toegankelijk zijn.
    Het eigenlijke probleem ligt in de succesvolle toepassing van de norm. Op een of andere manier wil dat maar niet lukken. Dat is overigens geen probleem dat alleen maar in Nederland speelt; in de rest van Europa en daarbuiten is het echt niet beter – integendeel zelfs.

    Een paar van de oorzaken voor de toegankelijkheidsproblemen zijn:

    1. Fabels. Toegankelijkheid van websites wordt vaak geassocieerd met lelijk en saai. Die fabel leeft niet alleen bij (potentiële) eigenaren van websites, maar wordt bovendien nog steeds gevoed door makers van websites die hun vak niet helemaal goed verstaan (”Mij lukt het niet, dus dan kan het niet”).

    2. De nadruk op mensen met een functiebeperking. Het onderwerp toegankelijkheid is veel breder. Bovendien leidt die nadruk tot stigmatisering (”Het is wel erg veel werk om de site voor die paar gehandicapten toegankelijk te maken”). Het rare is, dat er voor zoekmachineoptimalisatie vaak wel geld beschikbaar is, terwijl dat voor een belangrijk deel dezelfde regels betreft als voor mensen met een (visuele) beperking. Om die reden wordt vaak gezegd “Google is blind”.

    3. Gebrek aan deskundigheid. De interface van een website maken is een vak apart. De Engelse term daarvoor is ‘Web front end development’. Nog nooit van gehoord? Dat bedoel ik….
    Het is een andere discipline dan grafische vormgeving, programmeren (back end development) of gebruikersvriendelijkheid (usability). Een ‘front-ender’ is degene die op basis van de input van bovengenoemde specialisten er een in alle browsers goed werkend interface van maakt. Echte ‘front-enders’ zijn nog relatief schaars. Gelukkig is er sinds september vorig jaar een vakvereniging voor deze beroepsgroep, de Fronteers (http://fronteers.nl/).

    4. Het opdrachtgeverschap is nog niet sterk genoeg. De kwaliteit van de webinterface is van groot belang, want dat bepaalt in hoge mate hoe succesvol de communicatie tussen een websysteem en een eindgebruiker verloopt. Een slechte webinterface ondermijnt daardoor al snel het rendement van investeringen in ICT. Sturen op kwaliteit van het eindresultaat (en controleren ervan!) is nog lang geen gemeengoed. En dat is n iet alleen een projectrisico, maar in geval van de overheid ook een bestuurlijk risico.

    Tot slot nog een opmerking over de maximumscore van 125: In de WebrichtlijnenToets wordt bij die optie de vraag gesteld: “Is aanvullend handmatig onderzoek verricht?” Als het antwoord ‘Nee’ is – en dat is het geval bij alle vier voorbeelden – dan wordt onderzocht op 47 Webrichtlijnen. De scores voor de onderzochte pagina’s (en dus NIET representatief voor de hele website) zijn dan:
    - Ministerie van VROM: 41
    - MinMen-website: 32
    - FM.nl: 27
    - Omroep.nl: 25

    Alles beneden 38 punten wordt beschouwd als een lage score. Bij MinMem.nl, FM.nl en Omroep.nl kan – op basis van de automatische meting – worden geconcludeerd dat er sprake is van aanzienlijke ruimte voor verbetering.

  4. Bart zegt:

    @Raph: Bedankt voor je deskundige reactie! Volgens mij is het belangrijk dat de goede normen die er zijn niet langer vrijblijvend zijn maar verplicht worden gesteld. Niet alleen voor de rijksoverheid, zoals dat nu het geval is, maar ook voor organisaties met een publiek karakter, zoals de publieke omroep.

    Ik heb bijvoorbeeld de indruk dat de in de USA geldende regelgeving op dit vlak (Section 508, http://www.section508.gov/) redelijk wat effect heeft gehad.

    En zo werkt het bijvoorbeeld ook in de bouwwereld: http://www.nctt.nl/Default.aspx?menu=1357

    Tot slot: gelukkig scoren we ook met de aangepaste meting nog beduidend beter dan de omroep-websites. We zullen eens kijken of we de toegankelijkheid van MinMen kunnen verbeteren. Je tips zijn welkom!

Geef je reactie

Let op: Reacties worden gemodereerd en het kan even duren voor je reactie verschijnt. Het is niet nodig je reactie nogmaals te versturen.


Creative Commons License
Op dit werk is een Creative Commons Licentie van toepassing.